Standen

De basis van kempo en van vele andere vechtkunsten begint met de standen. Deze hebben als doel de kempoka een gevoel van balans bij te brengen. In elk gevecht is de balans van het grootste belang. Men kan zelfs stellen dat veel gevechten verloren worden, omdat de lichaamsbalans niet goed is en de tegenstander er zodoende kans in ziet zijn opponent uit evenwicht te brengen.

Een goede stand is net zo belangrijk als een goede wering, trap of stoot. Belangrijk is dat het zwaartepunt omlaag wordt gebracht bij de diverse standen. Zo is er de paardestand (bij kempo ook wel eenvoudig de 3e stand genoemd) waarbij de knieën altijd gebogen moeten zijn. Deze stand is weliswaar in de praktijk minder bruikbaar maar geeft de beoefenaar wel een beter gevoel van evenwicht en het is tevens een krachtoefening voor het versterken van de beenspieren.

Stoot- en Traptechnieken

Tijdens de training wordt veel aandacht besteed aan diverse trap- en stoottechnieken. Een uitgebreid scala van stoten gegeven met de open hand en met de gesloten vuist wordt iedere week beoefend. De traptechnieken zijn vergelijkbaar met andere vechtsporten en vechtkunsten. Zowel lagere trappen naar het kruis en de knie als hogere traptechnieken naar het gezicht en de borst worden geoefend.

Warming-up en stretchen

Om het lichaam voor te bereiden op de lichamelijke inspanning van de training dienen de spieren voldoende opgewarmd te worden. Vandaar dat een belangrijk deel van de basiskennis bestaat uit een gedeelte conditietraining zoals push-ups, buikspieroefeningen, hardlopen, reactieoefeningen. Daarnaast wordt met behulp van stretchen het lichaam lenig gehouden, waarbij het belangrijk is de grenzen van het lichaam te kennen.